Sparen voor de toekomst van uw kind
Het is alweer september en de zomervakantie is voor de meesten van ons al weer voorbij.
Het is soms nog even wennen aan het klokje van gehoorzaamheid, de kinderen moeten op tijd naar school en op het werk is het plotseling geen komkommertijd meer. Soms heb je nog een klein beetje heimwee naar die leuke vakantieweken, maar al gauw zetten we er met frisse moed toch ook de schouders wel weer onder.
Hopelijk heeft u een fijne vakantie gehad en heeft u goede zin om weer aan de slag te gaan.
Deze maand ga ik in op financiële voorzieningen voor uw kinderen of kleinkinderen. Iets goeds regelen nu betekent voor uw oogappel een vliegende start in de toekomst. U kunt voorzieningen treffen op verschillende manieren, denk bijvoorbeeld aan:
- Een studieverzekering
- Een spaarrekening die vrijvalt op de 18e verjaardag
- Schenken binnen de fiscale vrijstelling
Maar hoe zit het met de belasting op deze voorzieningen?
Een studieverzekering voor uw kind
Studeren kost vaak meer dan u denkt.
Afhankelijk van het niveau, de studierichting en of uw kind thuis- of uitwonend is, kunnen de kosten oplopen tot ruim € 1.000,- per maand. Denkt u maar eens aan collegegeld, studieboeken, zorgverzekering, kleding, telefoon en eventuele kamerhuur.
U kunt hier nu al geld voor opzij leggen in een studieverzekering.
De studieverzekering is een verzekering op het leven van één ouder, meestal de kostwinner. U betaalt gedurende een bepaalde periode maandelijks of jaarlijks een premie. Met dit bedrag bouwt u een kapitaal op dat op de einddatum, meestal de 18e verjaardag van uw kind, vrij komt voor het bekostigen van de studie. U kunt de einddatum ook later in laten gaan en de uitkering gebruiken om een studieschuld mee af te lossen.
Studieverzekering alleen voor studie?
Blijkt uw kind toch niet te gaan studeren, dan kan de uitkering ook voor een andere bestemming worden gebruikt. Bijvoorbeeld voor de aankoop van een eerste woning. En ook dat heeft een groot voordeel. Vanaf 2018 kunnen de kosten koper namelijk niet meer worden meegefinancierd in de hypotheek. Bij een koopprijs van €200.000,-, moet al gauw €10.000 uit eigen middelen worden betaald voor bijkomende kosten. Voor starters wordt het daardoor steeds moeilijker om een woning te kopen.
Uitkering verzekerd
In veel gevallen bent u, als kostwinner, degene die de premie betaalt. Komt u voor het einde van de looptijd te overlijden, dan hoeft er vanaf dat moment geen premie meer te worden betaald. Wel blijft het verzekerd kapitaal op de einddatum gegarandeerd. Uw kind ontvangt dus altijd de volledige uitkering, zodat er toch gestudeerd kan worden.
Studieverzekering: ook voor grootouders
Ook grootouders kunnen ervoor kiezen om een studieverzekering voor hun kleinkinderen af te sluiten. Zo kunnen zij direct bijdragen aan de toekomstige studie van hun kleinkind. Het is ook mogelijk om hierbij gebruik te maken van de jaarlijkse schenkingsvrijstelling aan kleinkinderen. Zo kan er belastingvrij vermogen worden overgeheveld.
Een spaarrekening die vrijvalt op de 18e verjaardag
Sparen voor kinderen en kleinkinderen – iedereen doet het.
Iedere (groot)ouder vindt het leuk om iets voor de (klein)kinderen opzij te zetten, al is het maar een luttele € 25 per maand. Dat kun je met plezier missen en na 18 jaar is er dan toch € 5.400 bij elkaar gespaard. Een mooi startkapitaaltje, nog afgezien van de spaarrente. Je (klein)kind kan het gebruiken voor de eerste rijlessen of bijvoorbeeld voor woninginrichting, als hij of zij binnenkort het huis uit gaat. En door te sparen geeft u het goede voorbeeld: volgens het Nibud hebben volwassenen die als kind met geld leerden omgaan minder betalingsproblemen.
De grote banken renderen het minst. Ondanks de lage rente worden de meeste kinderspaarrekeningen bij ABN AMRO, ING en Rabobank geopend. Er zijn wel alternatieven, maar vaak is dat niet bekend.
En net als bij andere belangrijke gebeurtenissen speelt emotie de boventoon en worden geldzaken al gauw via de kortste weg geparkeerd bij de ‘eigen’ bank. Het gemak dient de mens. Of eigenlijk niet: dit keer dient het gemak eerder de bank.
Want kijk je naar de rentevergoedingen bij onze drie grootste banken, dan word je daar niet bepaald vrolijk van.
ABN AMRO:
KinderToekomstSpaarrekening, de spaarrekening voor kinderen bestaat uit 0.10% basis rente en 0,35% bonusrente. Niet veel dus. ABN AMRO zet een wervende tekst op hun website, maar daar zal de uiteindelijke spaarpot niet vet van worden.
ING:
ING vergoedt nog iets minder op de Groei Groter Rekening, 0,4%, maar je kind krijgt er wel een ‘Spaarleeuw’ cadeau.
Rabobank:
Tot slot, bij de Rabobank kun je ook een kinderspaarrekening openen, maar daar krijgt je (klein)kind maar 0,2% rente per jaar. Bij de “RegenboogRekening” hoort net als bij ING een verrassingscadeau, dat je bij een Rabo filiaal in de buurt kunt ophalen.
Alternatieven:
Er zijn nog wel twee kleinere, zich duurzaam noemende banken, die een hogere rente vergoeden, Triodos 1,3% en ASN 1,4%. Duurzaam loont kennelijk.
Conclusie
De kinderspaarrekeningen van banken zijn over het algemeen niet indrukwekkend. En een spaarrekening hoeft niet, want er zijn betere mogelijkheden voor uw (klein)kind, zoals de studieverzekering waar ik het vorige week over heb gehad. Of u kunt u voor uw (klein)kind slim en duurzaam beleggen.
Kinder beleggingsrekeningen
“Sparen voor kinderen en kleinkinderen – iedereen doet het”.
Zoals gezegd, sparen levert op dit moment bijna niets op.
De spaarrente is gemiddeld nog maar 0,15%. Op kinderspaarrekeningen is dat maximaal 1,4 % (ASN Bank). De verwachting is niet dat dit op korte termijn omhoog gaat.
Beleggen als alternatief
Daarom is beleggen wellicht een interessant alternatief.
Beleggen is niets anders dan investeren in bedrijven of markten, in de verwachting dat uw geld groeit. En vooral op lange termijn ( >15 jaar) wordt die verwachting meestal waargemaakt, want anders zou niemand beleggen.
Iedereen weet dat beleggen meer risico met zich meebrengt dan sparen, maar daar staat tegenover dat je hogere rendementen kunt behalen. Vooral de laatste 3 tot 5 jaar zien we juist onder invloed van de lage rente een gemiddeld beleggingsrendement van 4,5% per jaar.
Maar wat zijn de risico’s?
Voor je gaat beleggen voor je (klein)kind, wil je natuurlijk weten waar je aan begint. Aanbieders van kinderbeleggingsrekeningen begrijpen dat. De twee belangrijkste risico’s zijn koersrisico en geografisch conjunctureel risico.
Koersrisico
Het koersrisico is het risico dat je loopt op koersschommelin-gen. Koersschommelingen kunnen bijvoorbeeld ontstaan als een bedrijf zijn jaarresultaten bekend maakt en de resultaten afwijken van de voorgaande periode, of als gevolg van natuurrampen of ontwikkelingen in de wereld.
Geografisch conjunctureel risico’s: regio’s en sectoren
De stabiliteit en de groei van financiële markten verschilt sterk per regio. Investeren in de IT sector, in bedrijven in Silicone Valley bijvoorbeeld, kan een hoog rendement opleveren. Maar veel van de start-ups daar vallen helaas ook om, dus zijn de risico’s ook groot. Naast beleggen in sectoren kun je beleggen in vastgoed, bedrijven in de gezondheidszorg en Nutsbedrijven. Risico en rendement, daarin verschillen sectoren heel veel van elkaar. Een erkend beleggingsinstituut kan u hierover goed informeren en kan samen met u de optimale beleggingsmix vaststellen.
Beleggersprofiel
Banken en andere beleggingsinstellingen zijn wettelijk verplicht voor elke klant een risicoprofiel te maken, zodat u weet welk type belegging het beste bij u past. Ook als u een kinderbeleggings-rekening opent is een risicoprofiel verplicht. De meest voorkomende indeling is “lager risico”, “gemiddeld risico” en “hoger risico”.
Een kinderbeleggingsrekening openen
Bij de meeste beleggingsinstellingen kun je online een kinder-beleggingsrekening rekening openen. Aan de hand van uw antwoorden op een standaard vragenlijst bepaalt de beleggingsinstelling uw risicoprofiel. Als je persoonlijke omstandigheden veranderen, dan kun je dat online doorgeven en wordt je risicoprofiel aangepast.
[activecampaign form=1]

